Plafond
Ik staar naar het plafond
boven m'n bed
T'is wit met barstjes;
een kronkelend, van klein naar groot
en omgekeerd
al dan niet vertakt,
eens dun, dan weer dik lijnenspel
Ik beeld me een universum in
van aan elkaar gelijmde levenslijnen
van mensen, dieren,
van al hetgeen dat komt en gaat
En niemand die weet hoe ze er
over twintig jaar zullen uitzien
Tevreden schok ik met m'n schouders;
voortaan verzamel ik ook wat!
Als een schikgodin
tem ik jouw lot in mijn slaap
Geen opmerkingen:
Een reactie posten